Welke dieren gaan vertrekken uit Nederland door klimaatverandering?
In dit artikel:
Het veranderende klimaat drijft dieren in beweging, maar niet iedereen kan mee: sommige soorten verdwijnen, andere schuiven noordwaarts of naar koelere hoogten — het zogeheten ‘klimaatopschuiven’ — en weer anderen passen zich aan of sterven weg. In Nederland en West-Europa zijn al duidelijke verliezers te zien.
Kruisspin: deze spin heeft de afgelopen decennia tot wel 99% van zijn West-Europese populatie verloren, vooral door de massale afname van insecten als voedselbron. Tegelijk nemen warmteminnende soorten hun ecologische plek in, wat weliswaar deels compenseert maar ook de samenstelling van ecosystemen verandert. De komst van warmere, soms ziekteoverdragende muggen vergroot de waarde van echte spinnen als plaagbestrijders.
Bonte kraai: deze grote vogel trekt vroeger vanuit Scandinavië naar Nederland; nu blijven veel exemplaren in het noorden van Europa vanwege mildere winters. In Nederland zie je nog slechts losse individuen in het noorden, de vroegere grote wintertrekken zijn verdwenen.
Levendbarende hagedis: bekend omdat ze jongen inwendig laten uitgroeien, wat vroeger voordelig was in koude klimaten. In zuidelijker gebieden lijken sommige populaties terug te schakelen naar eierleggen door opwarming. In Nederland krimpt de populatie vooral door verlies van geschikt leefgebied, verdroging en vermesting.
Vlinders: veel vlindersoorten gaan jaarlijks achteruit. Stikstofdepositie veroorzaakt bodemverzuring en verdringt nectarrijke planten die vlinders nodig hebben. Daarnaast ontwaakt sommige soorten te vroeg door warmere winters, wat energetisch nadelig is. Sommige soorten migreren echter wel noordwaarts en nieuwe zuidelijke soorten vestigen zich elders in Europa.
Tapuit (en soortgelijke insecteneters): stikstofrijking breekt kalk in de bodem af, waardoor insecten minder calcium bevatten. Jongen krijgen te weinig calcium, wat botbreuken en dunne eierschalen veroorzaakt; soorten als de tapuit en het paapje zijn hierdoor ernstig bedreigd. De duinpieper is in Nederland al uitgestorven.
Kortom: klimaatverandering, stikstofdepositie en habitatverlies werken samen en veranderen voedselnetten en voortplantingssucces. Niet alle soorten kunnen eenvoudig “opschuiven”, en de verschuivingen hebben ingrijpende gevolgen voor biodiversiteit en ecosysteemdiensten in Nederland.