Wat is de invloed van vasten op je microbioom?
In dit artikel:
Bijna een miljoen Nederlandse moslims is deze week aan de ramadan begonnen; tegelijk loopt de christelijke vastentijd en doen veel mensen aan intermittent fasting. Maag-darm-leverspecialist Maikel Peppelenbosch (Erasmus MC) onderzoekt wat zulke eetpauzes met het microbioom en de gezondheid doen. Eerder deed hij ramadanonderzoek onder Chinese moslims (2016, 2018) en dit jaar vergelijkt hij die resultaten met deelnemers uit een Rotterdamse moskee om te zien of de uitkomsten ook hier gelden.
Tijdens de ramadan wordt 30 dagen lang tussen zonsopkomst en zonsondergang niet gegeten of gedronken (in februari/maart zo’n 10–12 uur per dag). Peppelenbosch legt uit dat langere perioden zonder voedsel de darmen “leeg” maken en bacteriën die goed zonder constante voeding kunnen functioneren winnen: vooral butyraatproducerende soorten nemen toe. Butyraat (boterzuur) is een sleutelstof voor darmcellen — het levert energie en verstevigt de verbindingen tussen cellen, waardoor de darmbarrière beter werkt en minder schadelijke stoffen in het bloed en de lever terechtkomen.
In zijn eerdere studies zag hij binnen ongeveer acht dagen verbeteringen in leverconditie; ook patiënten kunnen baat hebben bij ramadanachtige regimes. Deelnemers rapporteerden vaak meer mentale helderheid, wat overeenkwam met hogere butyraatwaarden, maar een lagere bloedsuiker kan juist tijdelijk de concentratie schaden — daarom raadt Peppelenbosch tijdens vasten voeding met langzame koolhydraten aan om flauwvallen te voorkomen.
De positieve veranderingen bleken niet blijvend: ongeveer een maand na het Suikerfeest waren ze verdwenen. Toch ziet Peppelenbosch waarde in periodiek vasten en benadrukt hij dat andere vormen van intermittent fasting vergelijkbare gezondheidswinst kunnen opleveren, mits rekening gehouden wordt met individuele gezondheidstoestanden.