Waarom willen ouders zo graag dat hun kind hoogbegaafd is?
In dit artikel:
Ouders pronken vaak trots over de schoolprestaties van hun kind en hopen soms dat het om hoogbegaafdheid gaat. Hoogbegaafdheid betekent niet alleen een hoog IQ (vaak 130+), maar ook het vermogen om complex te denken: snel verbanden leggen, creatief problemen oplossen, een goed geheugen en sterke nieuwsgierigheid. In elke klas zit gemiddeld één hoogbegaafd kind, wat de verleiding vergroot om die eigenschap op je eigen kind te plakken.
Tegelijk kent hoogbegaafdheid keerzijden. Snelle informatieverwerking kan leiden tot verveling in de klas; dat verhoogt het risico dat kinderen minder opletten en daardoor toch minder presteren. Veel hoogbegaafden zijn ook hoogsensitief: prikkels komen intenser binnen, wat tot overprikkeling en sociale eenzaamheid kan leiden. Die problemen zijn vaak de reden dat ouders professionele hulp zoeken, zegt Anouke Bakx, hoogleraar Hoogbegaafdheid aan Tilburg University. Volgens haar streven ouders niet naar een label om mee te pochen, maar om erkenning, passende ondersteuning en onderwijsaanpassingen te krijgen wanneer hun kind vastloopt.
Hearing geruchten over nog een “hyperintelligent” kind op het schoolplein mag met scepsis — maar wanneer ouders echt om advies vragen, verdient dat serieusheid en begrip. Bakx houdt op vrijdag 6 februari om 16:15 een oratie over de maatschappelijke waarde van hoogbegaafdheid; die is live te volgen via de website van Tilburg University.