Waarom wiebelt je kat met zijn kont voor hij aanvalt?
In dit artikel:
Je ziet je kat in het gras liggen en merkt dat hij zijn achterlijf kort heen en weer beweegt voordat hij plotseling toeslaat. Volgens universitair docent diergedrag Ineke van Herwijnen (Universiteit Utrecht) is dat schijnbaar spelachtige gewiebel geen onbenullig gedrag, maar een voorbereidingshandeling op de sprong.
Drie verklaringen worden genoemd. Ten eerste werkt het als warming-up: korte trillingen en bewegingen maken spieren warmer en reactiever, waardoor de kat krachtiger kan afzetten en het risico op een mislukte sprong (en dus honger) kleiner wordt. Ten tweede helpt het bij houding en balans: door het achterlichaam te verplaatsen controleert de kat of de achterpoten stevig en optimaal gepositioneerd staan voor een gecontroleerde start, vergelijkbaar met hoe een sprintatleet zijn startpositie fijnstelt. Ten derde speelt perceptie een rol: op korte afstanden (ongeveer tot 30 cm) is het gezichtsvermogen van katten minder goed, waardoor snorharen (vibrissae) en subtiele lichaamsschommelingen belangrijk zijn om afstand, positie en focus te verbeteren — bewegende prikkels vallen daarbij makkelijker op.
Van Herwijnen wijst erop dat dit wiebelen vooral voorkomt bij jachtgedrag en spel dat daarop lijkt. Het heeft waarschijnlijk geen communicatieve functie richting soortgenoten, omdat katten solitaire jagers zijn en signalen tijdens een aanval hun prooi zouden waarschuwen. Een andere soort achterwerkbeweging, bijvoorbeeld tijdens krolsheid, duidt op een ander motief dan het hier beschreven geconcentreerde “jachtwiebeltje”.
Achtergrondinformatie: snorharen fungeren als tastzintuig voor nauwkeurige afstandsinschatting, en een korte warming-up voorkomt blessures die de overlevingskansen beïnvloeden.