VS investeert miljarden in kernafval 'smelten' tot glas: Hanford krijgt 3,2 miljard dollar

dinsdag, 20 januari 2026 (14:38) - Techniek & Wetenschap

In dit artikel:

De Amerikaanse regering trekt een recordbedrag van 3,2 miljard dollar uit om het meest vervuilde nucleaire terrein van het land, de Hanford Nuclear Reservation in de staat Washington, veiliger te maken door miljoenen liters radioactief afval te verharden tot glas. Hanford, opgericht in 1943 voor de productie van plutonium en later uitgebreid tot negen reactoren, leverde tijdens de Koude Oorlog ongeveer 67 ton plutonium op. Tegelijkertijd ontstond een voorraad van chemisch en radioactief afval in 177 ondergrondse tanks; ongeveer een derde daarvan lekt en een deel van het afval is doorgesijpeld naar een ondergrondse watervoorraad die in de richting van de Columbia-rivier stroomt, op circa zeven kilometer afstand.

Het vrijgemaakte geld is bestemd voor de Waste Treatment and Immobilization Plant (WTP), waar men het vloeibare en slibvormige afval eerst voorbehandelt, vervolgens mengt met glasvormende stoffen zoals silica en boraten en het mengsel boven 1.100 °C smelt. De vloeibare glasmassa wordt in roestvrijstalen vaten gegoten en gecontroleerd afgekoeld tot stabiele glasblokken. Deze vitrificatie verankert radioactieve isotopen in de glasmatrix op atomair niveau, waardoor ze minder snel kunnen uitspoelen; borosilicaatglas is bovendien bestand tegen hitte, straling en chemische aantasting. Als resultaat zijn de glasblokken geschikt voor gecontroleerde opslag die tientallen tot honderden jaren veiliger zou moeten zijn dan de huidige vloeibare tanks.

Het project liep jarenlang vertraging op: waar in eerste plannen alle 56 miljoen gallon afval al in 2019 verwerkt zou zijn, zijn de doelen bijgesteld. Nu geldt dat 149 single-shell tanks uiterlijk in 2043 dicht moeten en 28 double-shell tanks in 2052. Volgens het Washington State Department of Ecology kan tijdige financiering tientallen miljarden dollar besparen en het risico op nieuwe lekkages of infrastructurele rampen sterk verkleinen. Casey Sixkiller, directeur van dat departement, benadrukt het belang van constante middelen: “We moeten de financiering op peil houden om het opruimtempo te versnellen en het risico op een catastrofale infrastructuurschade of besmettingsincident te verminderen.”

Naast het wegnemen van een direct milieugevaar functioneert Hanford als een industriële testomgeving voor vitrificatietechnologie: ingenieurs, nationale laboratoria en materiaalkundigen ontwikkelen processen en glasmengsels die ook nuttig kunnen zijn bij andere nucleaire saneringen en de ontmanteling van kerncentrales wereldwijd. Het nieuwe budget markeert daarmee zowel een investering in lokale veiligheid als in technologie die internationaal navolging kan vinden.