Uit de praktijk: doktoren moeten AI omarmen, op de juiste manier
In dit artikel:
Orthopedist Lisette Langenberg reflecteert op de plaats van kunstmatige intelligentie in de medische praktijk en schetst een toekomstbeeld waarin AI in 2047 zo ingeburgerd is dat artsen genoeg tijd hebben voor menselijk contact met patiënten. Ze trekt parallellen met eerdere technologische omslagen — de introductie van de mobiele telefoon en het elektronisch patiëntendossier — om te laten zien hoe aanvankelijke scepsis kan omslaan in onmisbaarheid.
Langenberg waarschuwt tegelijk voor de valkuilen van AI: systemen volgen opdrachten letterlijk en missen de menselijke context en interpretatie. Dat illustreert ze met herkenbare voorbeelden: zelfrijdende auto’s die stipt stoppen bij elk “STOP”-opschrift en een satirisch wetenschappelijk onderzoek dat suggereerde dat parachutes geen verschil maken — omdat het “vliegtuig” gewoon op de grond stond. Zulke gevallen tonen volgens haar aan dat onzorgvuldig gebruik van data of onvolledige context tot gevaarlijke of lachwekkende conclusies kan leiden. AI die onkritisch onderzoeksresultaten of fouten herhaalt, kan schadelijke adviezen geven.
Ze vergelijkt AI met een puppy: in het begin moet je commando’s helder aanleren, en er zullen “plasjes” zijn die je moet opruimen, maar met tijd en training groeit begrip tussen mens en machine. Langenberg pleit voor gebruik binnen gesloten, gecontroleerde informatiesystemen en voor systemen die gegevens zorgvuldig verzamelen en interpreteren. Alleen dan kan AI echt betrouwbaar worden in de zorg.
Praktische toepassingen ziet ze vooral in administratieve en voorbereidende taken: AI kan routinematig vragenlijsten afhandelen, informatie verzamelen over thuissituatie en verwachtingen, en inschatten welke nazorg iemand nodig heeft. Daardoor ontstaat bij het eerste consult meer ruimte voor het persoonlijke gesprek. AI zou snel feiten kunnen opzoeken, registraties automatiseren en communicatie vergemakkelijken, zonder de arts te vervangen — eerder als een deskundige assistent.
Haar toekomstvisie voor 2047 is optimistisch maar realistisch: AI is dan een vanzelfsprekend, ondersteunend hulpmiddel in ziekenhuizen en huisartsenpraktijken, onmisbaar voor efficiëntie maar gekoppeld aan menselijk toezicht en ethische afwegingen. De kernboodschap is dat we nu al moeten investeren in betrouwbare, veilige systemen en zorgvuldige implementatie, zodat technologie het zorgsysteem verbetert zonder de menselijke maat te verliezen.
Aanvullende context: om die toekomst te realiseren zijn standaarden voor data, transparantie van algoritmes, validatie van onderzoeksresultaten en duidelijke regulering essentieel. Zonder die fundamenten blijft het risico bestaan dat AI-systemen letterlijk handelen zonder begrip, met potentieel schadelijke gevolgen voor patiënten.