Tien opvallende monumenten: welke staat bij jou in de buurt?
In dit artikel:
Nederland staat vol opvallende kunstwerken in de openbare ruimte. Achter beelden die op het eerste gezicht vreemd, lelijk of zelfs ongepast lijken, zitten vaak historische, praktische of emotionele verhalen.
In Nijmegen verwijst een reusachtige kop op een kunstmatig eiland in de Waal naar de Romeinse geschiedenis van de stad. Het beeld is een uitvergrote replica van een rijkversierd Romeins ruitermasker dat rond 1915 uit de rivier werd opgebaggerd. Het origineel is te zien in Museum Het Valkhof.
Op Texel staat sinds 1993 een vier meter hoge replica van een Moai, de beroemde stenen beelden van Paaseiland. De keuze voor Texel is verbonden met ontdekkingsreiziger Jacob Roggeveen, die vanaf het eiland vertrok en in 1722 Paaseiland ontdekte. De replica werd gemaakt door de Paaseilandse beeldhouwer Bene Aukara Tuki Paté.
In Eindhoven lijkt een reusachtige bowlingbal tussen kegels langs de Kennedylaan een enorme strike te hebben gegooid. Het werk van Claes Oldenburg en Coosje van Bruggen werd echter niet voor een bowlingevenement gemaakt, maar ter gelegenheid van het Europees kampioenschap voetbal van 2000. Het kunstwerk leidde tot zorgen over verkeersveiligheid en wordt mogelijk verplaatst om ruimte te maken voor openbaar vervoer.
De vis bij Stavenisse kreeg een veel minder warm onthaal. Het beeld van Gerrit Bolhuis was bedoeld als monument na de Watersnoodramp van 1953, waarbij het Zeeuwse dorp zwaar werd getroffen. Gelovige inwoners zagen de ramp als een goddelijke straf en vonden het zeemonsterachtige beeld ongepast. Daarom kwam het buiten de dorpsgrenzen langs een provinciale weg te staan.
Bij het provinciehuis in Den Bosch ligt een metershoge faraokop in het water. Het decorstuk werd gemaakt voor de opera Aïda, die in 1990 in sportcomplex De Maaspoort werd opgevoerd. Bouwbedrijf Heijmans schonk de kop in 1993 aan de gemeente, zodat het theaterdecor een tweede leven kreeg.
In Oost-Groningen staat sinds 1997 een groot beeld van Vladimir Lenin. Ondernemer Henk Koop vond het afgedankte Sovjetbeeld na de val van het communisme in een hangar in het voormalige Oost-Duitsland. Lenin verhuisde daarna meerdere keren door Nederland en doet nog steeds dienst als publiekstrekker en decorstuk, ondanks zijn verantwoordelijkheid voor grootschalige onderdrukking en vele doden.
De walvisstaarten bij het metrostation in Spijkenisse bleken in november 2020 meer dan decoratie. Toen een metro door het stootblok reed, voorkwam het sterke kunststof beeld dat de trein naar beneden viel. De ontwerper had de staarten nooit als veiligheidsvoorziening bedoeld.
In Lelystad staat sinds 2010 het 26 meter hoge stalen beeld Exposure van Antony Gormley. De gekromde houding leverde het de bijnaam ‘de poepende man’ op. Gormley wilde een onveranderlijk figuur tegenover een voortdurend veranderende omgeving neerzetten, maar het publiek ziet er vooral een alledaagse toilethouding in.
Het Rotterdamse beeld Santa Claus van Paul McCarthy staat sinds 2008 bekend als ‘Kabouter Buttplug’, vanwege het suggestieve voorwerp dat de kerstman vasthoudt. Door de dubbelzinnige vorm had het beeld aanvankelijk moeite een vaste plek te vinden; inmiddels staat het aan het einde van een winkelstraat.
Tot slot herdenkt een monument met twee enorme handen op het Amsterdamse Leidseplein sinds 2024 de in 2021 vermoorde misdaadjournalist Peter R. de Vries. Kunstenaar Rini Hurkmans verwijst ermee naar Michelangelo’s beeld van Maria die om Jezus treurt. De handen nodigen voorbijgangers uit om stil te staan bij De Vries, al kunnen toeristen het werk zonder die context ook als een bizar stadsbeeld zien.
De Oranjezomer: Chris Woerts verwacht niet veel van Marco van Basten-serie BASTA: 'Net groeiend gras, zó saai!'