Therapie met je telefoon: hoe kom ik van mijn smartphoneverslaving af?
In dit artikel:
Bijna 80 procent van de Nederlanders ervaart een ongezonde binding met hun smartphone; ze voelen zich zelfs verslaafd. Toch stelt hoogleraar Reinout Wiers van de Universiteit van Amsterdam dat een echte telefoonverslaving, zoals die bij middelengebruik voorkomt, officieel niet bestaat. Voor een verslaving is namelijk meer nodig dan simpelweg veelvuldig gebruik; er moeten psychisch lijden en functionele beperkingen optreden, én fysieke onthoudingsverschijnselen bij het niet-gebruiken. Het voortdurende scrollen en telefoongebruik wordt daarom eerder gezien als problematisch gedrag dan als een formele verslaving.
Deze problematiek lijkt vooral te draaien om de gewoonte die gebruikers ontwikkelen: het automatisch pakken van de telefoon, uit routine en de beloningsmechanismen in de hersenen die meldingen aantrekkelijk maken. Hoewel het overmatig gebruik geen lichamelijke afhankelijkheid veroorzaakt, worden de negatieve gevolgen zichtbaar. Studies tonen aan dat veelvuldig telefoongebruik bij jongeren samenhangt met een grotere kans op depressie en angst, en ook het slaapritme wordt verstoord door het blauwe licht van schermen. Daarnaast leidt veel scrollen tot fysieke klachten zoals nekpijn, ook wel ‘text neck’ genoemd.
De relatieve onschuld van het apparaat verandert niet de realiteit dat het gebruik kan storen in het dagelijks functioneren en de concentratie verstoort. Daarnaast blijkt opvoeding een rol te spelen: als ouders frequent op hun telefoon zitten, imiteren kinderen dat gedrag. Toch kent de smartphone ook positieve kanten: hij creëert sociale verbindingen, biedt ontspanning en geeft bijvoorbeeld in afgelegen gebieden en onder gemarginaliseerde groepen belangrijke toegang tot lotgenoten en steun.
Om samen met de smartphone een gezondere balans te vinden, adviseert GZ-psycholoog Lenette van Luijk cognitieve gedragstherapie gericht op problematisch gebruik. Ook kan een ‘digitale detox’, een tijdelijke stop met het gebruik van het apparaat, helpen om bewustwording te vergroten en het patroon te doorbreken. De auteur concludeert dat het niet realistisch is de telefoon volledig te vermijden, maar dat het mogelijk is de relatie met het toestel te verbeteren door notificaties uit te schakelen en bewuster met het scherm om te gaan. Zo blijft de smartphone een nuttige partner zonder dat het de overhand krijgt in het dagelijks leven.