Surinaamse pad blijkt met zijn vingertoppen op vissen te jagen
In dit artikel:
De bijna blinde Surinaamse pad (Pipa pipa) kan in het troebele water van het Amazone- en Orinocogebied razendsnel kleine vissen vangen. Onderzoekers van de University of California, Los Angeles (UCLA) ontdekten dat de kikker daarbij niet vooral op zijn ogen vertrouwt, maar op zijn opvallende vingertoppen.
De vingers eindigen in stervormige lobben die dicht bezaaid zijn met gevoelige papillen. Zenuwen in deze structuren reageren niet alleen op aanraking, maar ook op stromingen en drukgolven in het water. Zo kan de pad de beweging van een naderende vis waarnemen voordat die zijn lichaam raakt. Vervolgens opent hij in enkele honderdsten van een seconde zijn bek en zuigt de prooi naar binnen.
Dat bleek uit onderzoek waarbij de biologen de gevoeligheid van de voorpoten testten en 210 vangpogingen met een hogesnelheidscamera analyseerden. De padden sloegen gemiddeld toe wanneer een vis nog ongeveer vijf millimeter van een vinger verwijderd was. In ruim 73 procent van de gevallen had de vis de kikker toen nog niet aangeraakt. Ook zonder zicht en met een uitgeschakeld zijlijnorgaan, waarmee waterdieren bewegingen in het water voelen, bleven de dieren vaak succesvol.
De vingertoppen nemen bovendien ongeveer 34 procent in van het hersengebied dat tastinformatie uit de hele voorpoot verwerkt, terwijl ze minder dan 8 procent van het huidoppervlak beslaan. Volgens de onderzoekers laat dit zien dat sterke tastspecialisaties niet alleen bij zoogdieren voorkomen. De vondst suggereert dat amfibieën en zoogdieren onafhankelijk vergelijkbare zintuiglijke oplossingen hebben ontwikkeld en dat geavanceerde tastverwerking evolutionair veel ouder kan zijn dan gedacht. De studie verscheen in het Journal of Comparative Physiology A.
Vandaag Inside: Wilfred vraagt Frank van Leeuwen In de Wandelgangen: 'Heeft Welmoed Sijtsma meer talent dan jij?'