Rouwen doe je niet alleen bij overlijden maar ook na andere vormen van verlies

donderdag, 4 juni 2026 (10:11) - Quest.nl

In dit artikel:

Rouw is niet alleen het verdriet om een overlijden, benadrukt rouwonderzoeker Maarten Eisma van de Rijksuniversiteit Groningen: het omvat de fysieke, emotionele, cognitieve en gedragsmatige reactie op elk verlies. Naast sterfte vallen ook scheidingen, verhuizingen, verlies van werk, leeg nest, pensionering of het verlies van gezondheid onder wat onderzoekers non-death loss noemen. Daarnaast bestaan er minder tastbare verliezen, zoals het wegvallen van toekomstplannen, autonomie, identiteit of maatschappelijke status — denk aan de geleidelijke achteruitgang bij Alzheimer of aan de impact van een veroordeling op iemands zelfbeeld.

Hoewel het verlies van een dierbare tot de meest stressvolle gebeurtenissen behoort, betekent dat niet automatisch dat rouw bij overlijden zwaarder is dan bij niet-doodsgerelateerd verlies. Non-death grief kan juist langduriger of moeilijker zijn, vooral wanneer het verlies geleidelijk verloopt of weinig sociale erkenning krijgt. Bij overlijden bestaan vaak rituelen (condoleances, uitvaart, rouwkaarten) die het verlies zichtbaar maken en sociale steun mobiliseren; bij scheiding, ontslag of ernstige ziekte ontbreken die herkenbare publieke vormen vaak. Hierdoor ervaren mensen soms zogenaamde disenfranchised grief: ze voelen degelijk rouw maar krijgen daar weinig erkenning of steun voor.

Wetenschappelijk onderzoek, mede van Eisma en collega’s, toont overeenkomsten in reacties op verschillende soorten verlies. Veel voorkomende verschijnselen zijn verdriet en separatiestress — het aanhoudende verlangen naar wat verloren is gegaan — maar de inhoud van dat verlangen verschilt (bij overlijden het gemis van de persoon, bij een breuk het gemis van emotionele steun, bij een verhuizing het gemis van een vertrouwde plek). Ook symptomen zoals depressie of PTSS-achtige klachten kunnen na uiteenlopende verliezen voorkomen.

Tegelijk zijn er duidelijke verschillen: gevoelens van boosheid, schuld of zinloosheid komen relatief vaker voor bij rouw na overlijden dan bij andere verliezen. De intensiteit van rouw hangt sterk samen met omstandigheden: de duur en diepgang van de relatie, of een verhuizing gedwongen was, of het verlies plotseling of geleidelijk plaatsvond.

Kortom: bijna elke verandering waarbij je iets verliest waar je emotioneel aan gehecht was, kan rouw oproepen. Hoe zwaar en zichtbaar die rouw is, verschilt per persoon en situatie. Meer aandacht voor en erkenning van non-death grief — en het creëren van rituelen of steunmomenten — kan helpen mensen beter te ondersteunen bij zulke verlieservaringen.