Plant versus Plant

woensdag, 9 september 2026 (12:13) - Chemisch2Weekblad

In dit artikel:

Bioherbiciden zijn veel minder ontwikkeld dan biologische middelen tegen insecten en schimmels, terwijl herbiciden wereldwijd 44 procent van het pesticidengebruik uitmaken. Ook biologische boeren hebben daarom behoefte aan effectieve middelen tegen onkruid. Volgens Timo Sprangers van Wageningen University & Research en Virginia Corless van Moa Technology is de ontwikkeling ervan om meerdere redenen bijzonder moeilijk.

Biologische gewasbeschermingsmiddelen bestaan uit levende organismen of natuurlijke stoffen. Hun werking hangt daardoor sterker af van onder meer temperatuur, vochtigheid, het gewas en de plaag dan die van synthetische middelen. Bij onkruidbestrijding ligt de lat bovendien hoger: boeren verwachten doorgaans minstens 90 procent effectiviteit, omdat ze niet alleen zichtbaar onkruid moeten bestrijden, maar ook de zaadbank voor het volgende jaar willen beperken. Bij insecten- en ziektebestrijding is een lagere werking vaak nog acceptabel.

Onkruid bestaat daarnaast meestal uit meerdere soorten, die elk anders reageren. Een middel dat straatgras goed bestrijdt, kan bijvoorbeeld weinig effect hebben op vogelmuur. Ook moeten de actieve stoffen een plant binnendringen. Dat is lastiger dan het toedienen van een insecticide via voedsel, zeker omdat biomoleculen vaak groter zijn dan synthetische herbiciden. Tegelijk moet een bioherbicide zeer selectief werken: het mag het gewas en de rest van het ecosysteem niet beschadigen.

De ontwikkeling wordt verder bemoeilijkt doordat synthetische herbiciden, zoals glyfosaat, relatief goedkoop en effectief zijn. In de afgelopen 35 jaar kwam geen herbicide met een nieuw werkingsmechanisme op de markt. Bedrijven investeerden daardoor minder in onderzoek. Ook mechanische alternatieven, zoals schoffelrobots die met kunstmatige intelligentie werken, maken investeringen in nieuwe herbiciden minder aantrekkelijk.

Toch werken verschillende bedrijven aan nieuwe oplossingen. Moa Technology en Invasive Species Corporation onderzoeken moleculen en combinaties van stoffen uit micro-organismen. Moa probeert zulke extracten ook te gebruiken om bestaande herbiciden te versterken. Volgens Pamela Marrone van Invasive Species Corporation kan kunstmatige intelligentie het zoeken in genetische en biologische databanken versnellen. Andere initiatieven richten zich op RNA-interferentie of op steriele stuifmeelkorrels die de zaadvorming van onkruid en de verspreiding van resistente soorten moeten beperken.

Lange en dure toelatingsprocedures in Europa vormen vooral voor kleine bedrijven een extra obstakel. Toch ligt de achterstand volgens de deskundigen niet alleen aan de biologische oorsprong van deze middelen. Onkruidbestrijding stelt simpelweg strengere en andere eisen, terwijl onderzoek naar nieuwe synthetische herbiciden al decennialang nauwelijks vooruitgang boekt.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Tina Nijkamp In de Wandelgangen kritisch op Rob Jetten: 'Waarom is hij nergens?!'