Onderzoekers ontdekken een blinde vlek in de strijd tegen invasieve bosplanten
In dit artikel:
In bossen wereldwijd krijgen invasieve planten nog altijd vooral een chemische tegenaanval, terwijl dat lang niet altijd de beste of meest duurzame keuze is. Dat blijkt uit onderzoek van Newcastle University en de University of Stirling, gepubliceerd in *Journal of Applied Ecology*, waarin 192 eerdere studies uit 26 landen zijn geanalyseerd. De onderzoekers bekeken in totaal 623 combinaties van invasieve plantensoorten en bestrijdingsmethoden.
De uitkomst is helder: herbiciden blijven veruit de populairste aanpak en waren goed voor 41 procent van de onderzochte behandelingen. Daarna kwamen fysieke methoden, zoals maaien, uittrekken of omzagen, en biologische bestrijding met natuurlijke vijanden. Opvallend is dat juist die biologische methoden vaak effectief blijken, maar veel minder worden ingezet.
Volgens hoofdonderzoeker Lizzie Keen zit het probleem vooral in grote kennishiaten. Er is te weinig vergelijkbare informatie om goed te beoordelen welke aanpak in welke situatie het beste werkt. Ook timing blijkt onderbelicht: slechts 15 procent van de studies keek naar het moment van ingrijpen, terwijl invasieve planten niet het hele jaar even kwetsbaar zijn. Daarnaast vermeldde maar 6 procent van de onderzoeken iets over kosten of arbeidsinzet, waardoor beheerders moeilijk kunnen inschatten wat een methode praktisch waard is.
De onderzoekers waarschuwen dat bossen extra onder druk staan door klimaatverandering en de opmars van uitheemse soorten, die inheemse vegetatie verdringen en jonge bomen belemmeren. Hun belangrijkste boodschap: chemische bestrijding kan nuttig zijn, maar er is dringend meer degelijk onderzoek nodig naar effectiviteit, kosten en alternatieven, zodat bosbeheer slimmer en duurzamer kan worden ingericht.
De Oranjezomer: Is dit het beste WK uit de geschiedenis?