Nederlanders vertrouwen zelfrijdende auto's niet: 61% wil er niet in rijden
In dit artikel:
Nederland is het eerste Europese land dat toestemming gaf voor het gebruik van Tesla’s Full Self Driving Supervised op de openbare weg, een stap richting meer geautomatiseerd rijden. Uit recent onderzoek van OSW onder ruim duizend Nederlandse automobilisten blijkt echter dat de techniek sneller vooruitgaat dan het publieke vertrouwen: 61 procent van de respondenten zou geen gebruik willen maken van een zelfrijdende auto. Generatieverschillen zijn opvallend; ruim driekwart van de 60-plussers staat afwijzend tegenover de techniek, terwijl bijna de helft van de onder-dertigjarigen ook nog terughoudend is.
Respondenten onderscheiden verkeerssituaties: een meerderheid voelt zich eerder comfortabel bij gebruik op de snelweg dan in stedelijk gebied. Dat is logisch omdat snelwegen voorspelbaarder zijn — minder kruisende verkeersstromen, geen voetgangers of fietsers — terwijl binnensteden complexe en onvoorspelbare interacties kennen. Voor ontwikkelaars vormen stadscentra daarom een van de grootste technische uitdagingen, ondanks verbeteringen in camera’s, radar en AI.
Veiligheid en verantwoordelijkheid domineren de discussie. 67 procent van de Nederlanders denkt dat zelfrijdende auto’s nu nog niet veiliger zijn dan menselijke bestuurders. Grote incidenten met rijhulpsystemen krijgen veel media-aandacht, waardoor zeldzame ongelukken het publieke oordeel sterk kunnen beïnvloeden, ook al leggen systemen dagelijks miljoenen veilige kilometers af. De huidige generatie valt vaak in automatiseringsniveau 2 of 3: systemen kunnen bepaalde rijtaken overnemen, maar vereisen dat een mens blijft toezien en kan ingrijpen.
Dat half‑automatische stadium roept zorgen op bij verkeerspsychologen. Matthijs Dicke Ogenia wijst op automatiseringsbias: mensen die toezicht houden zonder actief te sturen verliezen concentratie en reageren trager in noodsituaties. 86 procent van de ondervraagden maakt zich zorgen over die afnemende alertheid. Cees Wildervanck benadrukt dat de overgangsfase — waarbij bestuurder en systeem tegelijk verantwoordelijk zijn — een van de lastigste periodes is in de ontwikkeling van autonoom rijden.
Ook aansprakelijkheid is omstreden: tweederde van de Nederlanders vindt dat fabrikanten verantwoordelijk moeten worden gehouden bij ongelukken met zelfrijdende auto’s. In de praktijk blijft de bestuurder in Nederland voorlopig juridisch aansprakelijk, omdat systemen zoals FSD volgens fabrikanten nog steeds supervisie van een mens vereisen.
Historische voorbeelden laten zien dat maatschappelijke acceptatie vaak jaren achterblijft op technologische vooruitgang. Voor autoconstructeurs betekent de uitdaging niet alleen betere sensoren en algoritmes bouwen, maar vooral het winnen van vertrouwen — pas dan zullen automobilisten bereid zijn de controle los te laten.
De Oranjezomer: Aad de Mos ziet Messi ontsnappen aan rood: 'De grote jongens moeten in het toernooi blijven'