Na de klap: hoe zoogdieren hun kans pakten na de massa-extinctie van de dinosauriërs
In dit artikel:
Na de massa-extinctie van 66 miljoen jaar geleden ontwikkelden vroege zoogdieren in het zuiden van China zich eerst vooral in omvang, en pas later gingen hun tanden sterk specialiseren. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van wetenschappers onder leiding van Jack Tseng, gepubliceerd in eLife, dat zich richt op fossiele tanden uit drie Chinese vindplaatsen in de provincies rond Nanxiong, Qianshan en Chijiang.
De onderzoekers analyseerden 200 tanden van 48 fossielen, goed voor 37 soorten zoogdieren, waaronder plantenetende groepen als Pantodonta en Arctostylopida, en verwante vormen van latere knaagdieren. Met 3D-modellen bekeken zij de vorm, scherpte, kromming en stevigheid van de tanden. In de vroege periode na het uitsterven waren deze dieren gemiddeld groter en hadden ze relatief grote, maar nog weinig uiteenlopende tanden. In de miljoenen jaren daarna nam de variatie toe en ontstonden gebitten die beter waren afgestemd op verschillende soorten voedsel en kauwgedrag.
Volgens de onderzoekers laat dit zien dat herstel na de catastrofe in Azië een eigen verloop had, en niet alleen bekend is uit Noord-Amerikaanse fossielen. De verandering in tandvorm lijkt bovendien samen te hangen met een droger wordend landschap in Zuid-China, waar steeds meer droogtetolerante planten verschenen. Eerst bood lichaamsgrootte dus vooral voordeel, daarna volgde verfijning van het gebit. Dat patroon helpt verklaren hoe zoogdieren zich na het verdwijnen van de dinosauriërs konden aanpassen en uiteindelijk zo divers werden.
Het Oranje Café: Het Oranje Café groot nieuws in Zuid-Afrika na uitspraken over nieuwe bondscoach van Oranje