Kun je nog anoniem over straat met al die camerasurveillance?
In dit artikel:
Camera’s zitten inmiddels overal: aan huizen (deurbelcamera’s), in winkels, bij zelfscankassa’s, in het openbaar vervoer, op straat voor snelheids- en roodlichtcontrole en zelfs op politiemensen en – sinds kort – conducteurs als afschrikmiddel tegen geweld. Lotte Houwing van burgerrechtenorganisatie Bits of Freedom waarschuwt dat mensen daaraan zelf bijdragen, bijvoorbeeld met telefoons waarmee snel beelden worden gemaakt.
De politie mag beelden van uiteenlopende bronnen vorderen, ook van buur’s deurbelcamera’s die vaak veel meer van de straat filmen dan officieel toegestaan. Dergelijke verzamelde beelden kunnen achteraf aan elkaar geplakt worden, en in principe daarop gezichtsherkenning worden toegepast. Live-massale gezichtsherkenning gebeurt volgens Houwing nog niet, maar de politie zet vergelijkbare technieken wél in; bij auto’s wordt al ANPR (kentekenherkenning) gebruikt om bestuurders te identificeren en boetes gericht te versturen.
Anoniem blijven in de openbare ruimte is daardoor steeds lastiger. Mogelijke tegenmaatregelen zijn gezichtsbedekking, verhuizen naar minder dichtbebouwde gebieden waar minder camera’s hangen, of routes plannen met behulp van kaartdiensten zoals MapComplete die surveillancepunten tonen. Praktisch anonimiteit bereiken is echter moeilijk: je moet winkels, openbaar vervoer en open plekken vermijden en hopen dat geen voorbijganger met een telefoon beelden maakt.
Kortom: er bestaat een uitgebreid surveillance‑netwerk in stedelijke gebieden waarvan burgers vaak onbewust deel uitmaken. Volledige anonimiteit is tegenwoordig zeldzaam; bewust omgaan met privacy en meer regelgeving rond cameragebruik blijven volgens voorstanders nodig.