Koffie vertraagt veroudering in het DNA van psychiatrische patiënten

donderdag, 11 december 2025 (17:11) - Quest.nl

In dit artikel:

Onderzoekers van King’s College London (2025) vonden aanwijzingen dat koffieconsumptie samenhangt met langere telomeren bij mensen met ernstige psychiatrische aandoeningen. Telomeren zijn beschermende uiteinden van chromosomen die bij iedere celdeling inkorten; kortere telomeren hangen samen met versnelde biologische veroudering en slechtere gezondheid. Eerder werk (Universidade Federal de Minas Gerais, 2021) liet al zien dat patiënten met aandoeningen als schizofrenie en stemmingsstoornissen vaak relatief korte telomeren hebben, waardoor deze groep extra kwetsbaar is.

De studie bekeek 436 deelnemers uit een Noorse cohortstudie: 259 personen met schizofrenie en 177 met stemmingsstoornissen (bijv. depressie of bipolaire stoornis). Deelnemers rapporteerden hun dagelijkse koffie-inname: geen (44), 1–2 kopjes (117), 3–4 kopjes (110) en meer dan 5 kopjes (133). Ook werd gegevens over roken meegenomen — opvallend genoeg rookte 77% van de proefpersonen.

Analyse van telomeerlengte in witte bloedcellen liet zien dat degenen die dagelijks drie tot vier kopjes koffie dronken gemiddeld een telomeerlengte hadden die overeenkwam met ongeveer vijf jaar jongere biologische leeftijd vergeleken met niet-koffiedrinkers of lichtdrinkers. Meer dan vijf kopjes gaf geen extra voordeel. Omdat het om observationele data gaat, kan de studie geen definitieve uitspraak doen over oorzaak en gevolg; andere factoren kunnen meespelen.

Beperkingen zijn onder meer het ontbreken van details over type koffie, zetmethode en moment van consumptie, plus mogelijke ongemeten confounders ondanks correctie voor roken. Mogelijke verklaringen voor het verband zijn nog speculatief — koffie bevat antioxidanten en stoffen met ontstekingsremmende eigenschappen die cellulaire schade kunnen verminderen.

Kortom: bij mensen met psychiatrische aandoeningen lijkt matige tot hoge koffieconsumptie (3–4 kopjes/dag) geassocieerd met langere telomeren en een lagere geschatte biologische leeftijd, maar aanvullende, gecontroleerde studies zijn nodig om zekerheid te krijgen over mechanismen en causale verbanden.