Hoe voorkom je dat een gevaarlijk virus zoals het hantavirus zich verspreidt?

vrijdag, 8 mei 2026 (10:11) - Quest.nl

In dit artikel:

In enkele Nederlandse universitaire ziekenhuizen worden patiënten met potentieel dodelijke aandoeningen opgevangen in speciaal gebouwde high level isolation units (HLIU’s) om verspreiding van gevaarlijke virussen — zoals recent het hantavirus — te voorkomen. Patiënten die van het cruiseschip Hondius werden geëvacueerd liggen onder meer in het Radboudumc in Nijmegen en het LUMC in Leiden. Nederland heeft momenteel drie van deze eenheden: in Utrecht, Leiden en Nijmegen; de kamers in Nijmegen behoren tot de modernste van Europa.

De HLIU van het Radboudumc, geopend in 2022, is volledig ontworpen rondom veiligheid en strikte procedures. Toegang is beperkt en bij opname staat beveiliging vaak bij de deur om pers en onbevoegden buiten te houden. Een vast team van getrainde medewerkers onderhoudt continu kennis en vaardigheden en werkt met uitgebreid geüpdatete protocollen: van het aantrekken van meerdere beschermlagen tot pauzeregelingen na een dienst in de isolatiekamer. Toeval is ondenkbaar; één onbewaakt moment kan al genoeg zijn voor besmetting.

Patiënten arriveren via een aparte ambulance-ingang waar een ambulance tot aan de deur kan rijden. Ambulancemedewerkers trekken hun beschermende kleding uit in die hal; de ruimte wordt daarna gedesinfecteerd. In de HLIU werkt men met een ‘VAR’-achtig bewakingssysteem: camera’s en monitoren volgen handelingen in de kamer en in sluisruimtes, en iemand achter de computer kan via headsets bijsturen en controleren of protocollen precies gevolgd worden.

Het aantrekken van de beschermingsuitrusting is een nauwkeurig, begeleid proces dat doorgaans circa twintig minuten duurt en altijd wordt gedaan met een buddy-systeem. Een tablet voorziet stap-voor-stap instructies die alleen bij bevestiging van voltooiing naar de volgende stap leidt — een handige innovatie maar technisch lastig te realiseren omdat bediening met handschoenen mogelijk moet zijn. De uitrusting bestaat uit koelvesten tegen oververhitting, een coverall, meerdere handschoenlagen met tape, chirurgisch schort, FFP2-masker, schoenhoezen, headset en een motorunit die gefilterde lucht in de kap blaast. Het geheel maakt bewegen en buigen lastig, waardoor zelfs eenvoudige taken zwaar worden.

Zorgen voor infectiecontrole is ook zichtbaar in de fysieke indeling: sluisruimtes scheiden schoon van mogelijk besmet gebied en kleurcodes op de vloer (groen — veilig, rood — besmet, oranje — potentieel besmet) geven precies aan waar personeel wel of niet onbeschermd kan staan. Verpleegkundigen verblijven soms tot anderhalf uur in de kamer om klachten en symptomen te behandelen; apparatuur die hergebruikt wordt, zoals de motorunit, wordt grondig gedesinfecteerd.

Het uittrekken van de beschermlaag is het meest kritisch, omdat bij fouten het grootste risico op zelfbesmetting ontstaat. Daarom blijven de buitenste handschoenen en het chirurgische schort in de patiëntkamer achter en verloopt het uitkleedproces stap voor stap, opnieuw met een uitkleedbuddy en begeleid door de tablet. Tijdens het uittrekken is communicatie met de patiënt tijdelijk niet mogelijk om focus en concentratie te waarborgen. Pas nadat alle lagen zijn verwijderd, handen gedesinfecteerd en de sluis is gesloten, is de medewerker weer in het veilige gebied.

De HLIU’s illustreren hoe inrichting, technologie en strikte protocollen samen een belangrijk wapen vormen tegen de verspreiding van gevaarlijke infecties — ze beschermen zowel zorgpersoneel als de rest van het ziekenhuis en de samenleving.