Hoe oud zal jij worden?
In dit artikel:
Quest verzamelde tientallen onderzoeken in één overzicht om te laten zien welke omgevings- en leefstijlfactoren onze levensverwachting beïnvloeden. Genetica bepaalt maar een klein deel van hoe oud we worden; het grootste aandeel komt voort uit gedrag, sociale omstandigheden, woonplaats en een dosis pech.
Belangrijke bevindingen en geschatte invloed op levensjaren:
- Vrouw zijn: gemiddeld +2,8 jaar. Vrouwen worden ouder, maar brengen relatief meer jaren met chronische klachten door; gezonde levensjaren liggen in Nederland dichter bij die van mannen dan in veel andere Europese landen.
- Regelmatig plezierige seks (ongeveer 2–3 keer per week): circa +2 tot +8 jaar. Het effect geldt vooral wanneer seks als prettig en betekenisvol wordt ervaren; verklaringen zijn stressreductie, vrijgave van ‘feelgood’-stoffen en lichte lichamelijke inspanning.
- Goede slaap: +2,4 jaar (vrouw) of +4,7 jaar (man). Niet alleen duur (7–8 uur) telt, maar ook slaapkwaliteit: snel inslapen, doorslapen, uitgerust wakker worden en weinig slaapmedicatie zijn essentieel. Chronisch slaaptekort verhoogt risico op hart- en vaatziekten en andere aandoeningen.
- Laag inkomen: −7,1 jaar (vrouw) of −8,8 jaar (man). Sociaaleconomische status hangt sterk samen met levensduur en vooral met gezonde levensjaren; verschillen tussen hoogste en laagste welvaartsgroepen kunnen meer dan twintig jaar in gezonde levensverwachting bedragen. Stress, onzekere banen en woonomstandigheden spelen daarbij een grote rol.
- Woonplaats: bijvoorbeeld Zuid-Limburg scoort lager (−0,9 jaar) qua (gezonde) levensverwachting; Hollands-Midden en Zeeland (voor 65‑plussers) doen het juist goed. Regionale verschillen volgen vaak leefstijl en sociaaleconomische context.
- Sterk sociaal netwerk: +7 jaar. Sociale verbondenheid halveert het risico op vroeg overlijden; eenzaamheid daarentegen activeert langdurige stressreacties en bevordert ontstekingsprocessen die ziekten zoals hart- en vaatziekten en diabetes in de hand werken.
- Ernstige psychische aandoeningen: −10 tot −20 jaar. Stoornissen als schizofrenie of bipolaire stoornis gaan met sterk verminderde levensverwachting; zelfdoding draagt bij, maar ook levensstijlverstoringen, slechtere slaap en verhoogde somatische risico’s. Bij ADHD ziet men eveneens lagere gemiddelden (ongeveer −6,8 jaar mannen, −8,6 jaar vrouwen), deels door hogere kans op ongelukken en verslavingsproblemen.
- Religie of spiritualiteit: ongeveer +2,2 jaar. Het voordeel lijkt vooral te komen door de sociale cohesie, zingeving en ondersteunende gemeenschap, niet puur door geloofsovertuiging.
- Positieve verwachtingen over ouder worden leveren ook gezondheidswinst op; wie negatief over verouderen denkt, heeft een grotere kans op latere gezondheidsklachten.
Kernboodschap: je levensduur is niet volledig vastgelegd door DNA — veel hangt af van sociale relaties, slaap, inkomen, mentale gezondheid, woonomgeving en leefstijlkeuzes. Veel effecten werken via stressreductie, herstelprocessen en het voorkomen van ontsteking en chronische ziekten. Natuurlijk blijft toeval een rol (ongelukken, acute ziekten), maar door te investeren in slaap, sociale contacten, mentale zorg en gezondere leefomstandigheden kun je de kans op meer gezonde levensjaren aanzienlijk vergroten.