Foto's: deze bijzondere paastraditie is al minstens 60 jaar hetzelfde

vrijdag, 3 april 2026 (08:11) - Quest.nl

In dit artikel:

In het Twentse Ootmarsum trekt elk jaar rond Pasen een opvallende stoet door de straten: vlöggeln. Acht ongehuwde, katholieke mannen — de poaskearls — lopen hand in hand in lange beige regenjassen en hoeden, zingend twee traditionele paasliederen (“Christus is opgestaan” en “Alleluja, den blijden toon”). De optocht begint op zowel eerste als tweede paasdag stipt om vijf uur ’s middags en duurt ongeveer een klein uurtje. Voorop loopt de oudste poaskearl met een sigaar die tijdens het vlöggeln brandend gehouden moet worden.

De keten slentert door huizen en cafés, waar de deelnemers soms een borrel krijgen; onderweg mogen anderen zich aansluiten, waardoor de slinger kan uitgroeien tot honderden mensen. Op het marktplein rolt de slinger zich op en klinkt nogmaals het repertoire, waarna de acht poaskearls als blijk van vreugde enkele jonge kinderen in de lucht tillen. Iedereen is welkom om mee te doen.

Vlöggeln staat sinds 2014 op de lijst van Nederlands immaterieel erfgoed. De traditie bestaat al vele generaties; mogelijk gaat ze meer dan honderd jaar terug, en in een bron is zelfs in 1635 al sprake van vlöggeln. Over de oorsprong bestaan uiteenlopende verklaringen: het kan een overblijfsel zijn van zingende kloosterlingen uit Weerselo die met Pasen naar Ootmarsum trokken, of van een veel oudere geselprocessie die in de middeleeuwen aalmoezen inzamelde.

Sommige aspecten veranderden in de loop der tijd: vroeger droegen de poaskearls colberts, vanaf de jaren vijftig kwamen de regenjassen in zwang (waartoe het precies kwam is onduidelijk). Jaarlijks treden de twee langstzittende poaskearls af en kiezen de bewoners twee nieuwe mannen — een benoeming die als een grote eer wordt gezien.

Naast het zingen en lopen horen ook voorbereidingen bij het gebruik: de poaskearls verzamelen in de weken vooraf hout voor het paasvuur, dat op eerste paasdag om 20.00 uur op de paasweide wordt aangestoken. Oude boerenwagens (soms uit het openluchtmuseum) worden klaargemaakt voor het transport. Het evenement trekt jaarlijks duizenden bezoekers, zowel inwoners als toeristen, en nodigt iedereen uit om deel te nemen aan deze levende, lokale paastraditie.