Forensische Spelen op Lowlands: laat jij geen sporen achter? Het NFI zoekt het uit
In dit artikel:
Het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) en de Hogeschool van Amsterdam (HvA) onderzochten tijdens Lowlands hoe mensen sporen achterlaten. In de zogenoemde Forensische Spelen konden festivalbezoekers een nagebootst misdrijf uitvoeren — onder meer slaan, schoppen, slepen en ‘hacken’ — en daarna ontdekken welk bewijs ze toch hadden achtergelaten. Het experiment bouwde voort op het uitwisselingsprincipe van Locard: elk contact kan sporen opleveren, al kan iemand ook materiaal meenemen zonder zichtbaar iets achter te laten.
Forensisch onderzoeker Peter Zoon legde uit dat vooral subtiele sporen interessant zijn. Deelnemers die dachten zorgvuldig te werk te zijn gegaan, bleken bijvoorbeeld fluorescerende vezels van een vest en kleine glasdeeltjes op hun kleding te hebben. De gegevens uit de festivalomgeving zijn waardevol omdat ze veel variatie bevatten. Daarmee willen onderzoekers beter bepalen hoe glas op een schoen of kleding terechtkwam: door een toevallige wandeling langs een gebroken ruit, of doordat iemand zelf een inbraak pleegde. Het gaat dus niet alleen om de aanwezigheid van een spoor, maar ook om de manier waarop het daar is gekomen.
Een tweede onderzoek richtte zich op smartwatches als digitale getuigen. De apparaten registreren onder meer beweging, stappen, locatie en hartslag. Onderzoeker Jan Peter van Zandwijk onderzoekt vooral of smartwatchgegevens kunnen helpen het moment van overlijden vast te stellen of te bevestigen. Eerdere validatiestudies met onder anderen euthanasiepatiënten leverden daarvoor unieke gegevens op. Tijdens Lowlands werd bekeken of slaan en schoppen herkenbare veranderingen in activiteit of hartslag veroorzaken. Die informatie kan in een strafzaak een scenario ondersteunen of juist tegenspreken, maar is op zichzelf geen sluitend bewijs.
Het NFI beoordeelt forensische gegevens daarom met de scenariomethode. Daarbij wordt onderzocht hoe waarschijnlijk een spoor is onder verschillende verklaringen, in plaats van alleen naar een ‘match’ te kijken. Ook wordt rekening gehouden met niet-specifieke sporen en fout-positieve resultaten.
Onderzoeker Romke van Dijk verzamelde ten slotte gegevens over de relatie tussen hobby’s, persoonlijkheid en wachtwoordkeuzes. Deelnemers hoefden hun wachtwoord niet prijs te geven, maar konden aangeven of hun hobby daarin een rol speelt. Het NFI wil testen of die relatie kleiner is dan eerdere vakliteratuur suggereert en of persoonlijkheidskenmerken meer voorspellende waarde hebben.
Complexe wachtwoorden maken kraken moeilijker, maar kunnen opnieuw kwetsbaar worden als ze in een wachtwoordkluis, cloudbestand of ander systeem worden opgeslagen. Het NFI onderzoekt daarom ook of AI grote hoeveelheden digitale data automatisch kan doorzoeken naar opgeslagen wachtwoorden. Het advies van Van Dijk blijft eenvoudig: gebruik onpersoonlijke wachtwoorden zonder geboortedata, hobby’s of andere voorspelbare informatie. De experimenten op Lowlands leveren zo niet alleen publiekswetenschap op, maar ook gegevens die toekomstige misdaadonderzoeken kunnen helpen reconstrueren.
Vandaag Inside: René van der Gijp zag Nigel de Jong bij presentatie Xavi Hernández: 'Allemaal open deuren!'