Erik Scherder in Het Spreekuur: 'Chronische pijn is écht'
In dit artikel:
Hoogleraar neuropsychologie Erik Scherder (in een reeks columns met cardioloog Leonard Hofstra) legt aan de hand van een alledaags voorbeeld uit hoe pijn in het lichaam en brein ontstaat en waarom acute pijn meestal verdwijnt, terwijl chronische pijn soms blijft hangen. Bij een scherpe snijwond activeren gespecialiseerde zenuwuiteinden (nociceptoren) een snelle signaalketen via ruggenmerg en hersenstam naar de hersenschors; daar wordt die prikkel ervaren als pijn. Evolutionair werkt dit als een waarschuwingssysteem: pijn beschermt ons en zet aan tot handelen.
Bij acute pijn treden ook natuurlijke pijnremmers in werking, waardoor de eerste felle sensatie na verloop van tijd doffer wordt. Bij chronische pijn – pijn die langer dan drie maanden aanhoudt – raakt dat systeem echter “vastgezet”. Nociceptoren en het brein kunnen overgevoelig worden en blijven signalen genereren zonder dat er nog een duidelijke weefselschade is. Verschillende hersennetwerken die normaal samenwerken om pijn te reguleren raken uit balans; aandacht en geheugen versterken het probleem doordat pijnervaringen gekoppeld worden aan situaties of plaatsen, waardoor herinnering en anticipatie de pijn opnieuw oproepen.
Scherder benadrukt dat chronische pijn geen verzinsel is: er zijn meetbare veranderingen in het brein die het aanhoudende lijden verklaren, en de impact op iemands leven kan groot zijn. De behandeling vraagt om een multidisciplinaire aanpak; het doel is meestal niet volledige opheffing van pijn maar leren begrijpen hoe pijn werkt, verminderen van overmatige focus erop en weer grip krijgen op het dagelijkse leven. Met die strategieën kunnen mensen ondanks aanhoudende pijn veel van hun activiteiten en levenskwaliteit terugwinnen.