Een fossiele tand verraadt dat er ooit rivieren te vinden waren in de Atacama
In dit artikel:
Een fossiele kies van Cardiatherium, een uitgestorven familielid van de capibara, toont aan dat de Atacama in het noorden van Chili ongeveer 8,8 miljoen jaar geleden veel natter was dan tegenwoordig. De tand werd gevonden bij El Morro, in de Bahía Inglesa-formatie aan de Chileense kust, en is de oudste bekende capibaravondst uit Chili. De ouderdom is bepaald aan de hand van zirkoonkristallen in de gesteentelagen boven en onder de fossielhoudende laag; de geschatte leeftijd ligt tussen 9,6 en 7,9 miljoen jaar.
De vondst is opmerkelijk omdat capibara’s afhankelijk zijn van permanent water en tegenwoordig vooral leven bij rivieren, moerassen en andere natte gebieden. Aanvullend onderzoek leverde fytolieten op: versteende plantenresten die aantonen dat er destijds ook palmbomen groeiden. Eerdere vondsten van zoetwatervissen en gavialen wijzen eveneens op de aanwezigheid van water.
Volgens de onderzoekers was waarschijnlijk niet de hele Atacama vochtig, maar bestond er aan de kust een oase die sterk afweek van de omliggende woestijn. Daarmee plaatsen de resultaten vraagtekens bij het beeld van de Atacama als een van de oudste woestijnen ter wereld, die mogelijk al circa 40 miljoen jaar bestaat.
De studie werpt ook licht op de verspreiding van capibara’s. Omdat de Andes al een barrière vormden, denken de wetenschappers dat de dieren via een noordelijke route vanuit het huidige Venezuela door Colombia, Ecuador en Peru naar Chili trokken. Ze volgden vermoedelijk rivieren en andere natte leefgebieden, wat erop kan wijzen dat Zuid-Amerika vroeger meer en beter verbonden waterrijke zones had dan nu.
Vandaag Inside: Chris Woerts pleit In de Wandelgangen voor ingrijpende verandering in Nederlandse Eredivisie