Dit was het allereerste vakantiepark - en er volgden er al snel meer

woensdag, 29 juli 2026 (09:45) - KIJK Magazine

In dit artikel:

Vakantieparken zijn ontstaan uit de groeiende behoefte aan betaalbare ontspanning voor de arbeider. In Engeland zette Billy Butlin in 1936 het concept op de kaart met parken waar gewone gezinnen een hele week vakantie konden vieren voor een week loon, met continu vermaak en alles onder één dak. Maar de wortels liggen nog eerder: Joseph en Elizabeth Cunningham begonnen in 1892 met een zomerkamp en bouwden dat in 1898 uit tot een volledig ingericht vakantiekamp op het eiland Man, met tenten, maaltijden en recreatie, een noviteit voor die tijd.

De opkomst van dit soort parken hing nauw samen met de strijd voor betaalde vakantie. Pas in 1938 kregen Engelse arbeiders recht op een week betaald verlof, waardoor voor het eerst hele gezinnen samen op reis konden. Butlin speelde daar slim op in, nadat hij had gezien dat mensen bij slecht weer vooral beschutting en vermaak zochten. Zijn succes was groot: Skegness moest snel uitbreiden en er kwam al in 1938 een tweede park.

Ook in Nederland en de rest van Europa groeide het fenomeen door. Rond Hoek van Holland ontstonden al vroeg kampeer- en huisjesculturen, later volgden de eerste echte vakantieparken. In de jaren zestig en zeventig werden bedrijven als Center Parcs en Club Med grote namen met huisjes, tentendorpen en all-inclusive formules. Tegen het einde van de jaren tachtig werd het vakantiepark minder de plek voor de hoofdvakantie, maar juist populair voor korte extra uitstapjes. Volgens recent onderzoek is dat nog steeds zo: het bungalowpark blijft een vaste waarde in de vrije tijd van Nederlanders.

BEKIJK OOK:

De Oranjezomer: Rutger Castricum doet er na ophef over grappen over 75-plussers nóg een schepje bovenop