Deze zeester is normaal gesproken een plaag, maar blijkt soms ook heel nuttig te zijn
In dit artikel:
Doornenkroonzeesterren staan bekend als een ernstige bedreiging voor koraalriffen, omdat ze levend koraal eten. Bij grote uitbraken, zoals die sinds de jaren zestig op het Great Barrier Reef bij Australiƫ voorkomen, kunnen ze grote delen van een rif kaalvreten. Onderzoek van de University of Sydney laat nu zien dat kleine aantallen van deze zeesterren ook een positieve rol kunnen spelen.
De onderzoekers bestudeerden de dieren bij One Tree Reef, waar ze relatief schaars zijn. Van 260 onderzochte vraatplekken bevatte 72 procent na het eten nog levend koraalweefsel. De zeesterren lijken per maaltijd ongeveer een vaste hoeveelheid koraal te eten en trekken daarna verder, waardoor vooral grotere riffen beter bestand zijn tegen hun schade.
Van 71 beschadigde plekken volgden de wetenschappers het herstel gedurende 22 weken. Eerst groeiden er algen op het kale skelet, later ook kalkalgen waarop jonge koralen zich kunnen vestigen. Op 26 procent van de plekken waar levend weefsel was achtergebleven, vertoonde het koraal na 22 weken herstel. Montipora en Porites groeiden opnieuw over de beschadigde delen heen, terwijl bij het snelgroeiende Acropora geen herstel werd gezien.
Volgens de onderzoekers kan het weg eten van snelgroeiende koralen ruimte maken voor langzaam groeiende soorten, waardoor de soortenrijkdom toeneemt. Dit past bij de ecologische theorie dat beperkte verstoring een ecosysteem kan versterken. Bij massale uitbraken blijven de zeesterren echter zeer schadelijk. Daarom zouden ze niet altijd moeten worden verwijderd; beter is het om populaties te beheersen en natuurlijke vijanden van de zeesterren te beschermen.
Vandaag Inside: Goedele Liekens vertelt In de Wandelgangen verder over vallei-orgasme: 'Zeker twintig minuten!'