'Beleefde onoplettendheid': de regels die bepalen hoe je een vage bekende op straat begroet
In dit artikel:
Wie iemand in de verte ziet naderen, kijkt die persoon vaak eerst aan, wendt daarna de blik af en maakt pas vlak voor het passeren opnieuw oogcontact. Dat ongemakkelijke wegkijken is volgens psychologen geen asociaal gedrag, maar ‘beleefde onoplettendheid’: een manier om elkaar gerust te stellen en duidelijk te maken dat er geen dreiging of ongewenste toenadering is.
De balans is wel subtiel. Te weinig aandacht kan onverschillig of onbeleefd lijken, terwijl langdurig oogcontact juist als een inbreuk op de privacy kan worden ervaren. Daarom zoeken mensen tijdens het naderen soms kort opnieuw oogcontact om in te schatten hoe de begroeting zal verlopen. Onderzoek van onder meer de Radboud Universiteit uit 2025 laat zien dat oogcontact vaker voorkomt naarmate mensen dichter bij elkaar komen. Mensen kijken bovendien langer naar iemand met een zonnebril, omdat diens bedoelingen moeilijker te lezen zijn.
Rond drie meter afstand ligt volgens wetenschappers ongeveer het punt waarop de publieke ruimte overgaat in de sociale ruimte. Vanaf daar wordt contact maken gebruikelijker. Op ongeveer een meter begint iemands persoonlijke ruimte; daarbinnen zijn een handdruk, kus of omhelzing eerder passend, afhankelijk van de relatie.
Beleefde onoplettendheid is aangeleerd sociaal gedrag dat al vroeg begint. Duitse onderzoekers zagen in 2023 dat baby’s van drie maanden hun blik al op vergelijkbare wijze afwenden. Begroetingen kunnen vervolgens variëren van zwaaien, knikken of glimlachen op afstand tot praten, handen schudden, omhelzen of kussen van dichtbij.
Vandaag Inside: Johan Derksen blikt vooruit op zaak-Jhon van Beukering: 'Dat wordt interessant!'